Startpagina
Geschiedenis tot 1900
Geschiedenis 1900 - heden
Vesting Arnhem
Monumenten binnenstad
Monumenten buitenstad
Kerk, Klooster, Graf
Scholen
Straten en Pleinen
Sonsbeek en Zijpendaal
Architecten
Verdwenen monumenten
    Anderlecht/Gouverneurswoning
    Gouvernementsgebouw 1804-1917
    Gouvernementsgebouw 1924-1944
    Paleis van Justitie 1838-1944
    Groote Societeit 1878-1968
    Willemskazerne 1836-1944
    Telegraaf en Telefoonkantoor 1923-1945
    Meinerswijk
    Rosande
    Hulkestein 1533-1944
    Eusebiuskerk Nieuwe Plein
    Janskerk Jansplein
    Rijnpoort
    Janspoort
    Velperpoort
Ambacht en Industrie
Verkeer en Vervoer
Kaarten en Plattegronden
Gezichten op Arnhem
Arnhemmers
Bronnen
Thema's
Wandelen en Fietsen
Sitemap
Contact

Hulkestein




Naar boven

Van de buitenplaats Hulkestein resteert niets meer dan een straatnaambordje (Hulkesteinseweg), een flatgebouw met die naam en het voormalige toegangshek. Dit hek staat sinds 1936 bij de kruidentuin van het Openlucht Museum in Arnhem. Het hek en de bijbehorende oprijlaan verbonden het huis Hulkestein met de ingang aan de Utrechtseweg. Na de verkoop en verkaveling van het landgoed in 1894 en de definitieve aanleg en naamgeving van de Hulkesteinseweg in 1908 had het hek zijn feitelijke functie verloren.
Het huis Hulkestein heeft een geschiedenis die teruggaat tot het begin van de 16e eeuw. De buitenplaats wordt verwoest door de oorlogshandelingen rond de Slag om Arnhem in september 1944.



Naar boven

Hulkestein 1551


Hulkestein, 1551 



Naar boven

Het Huis Hulckesteijn op een detail van een kaart uit 1551. Hulkestein werd als ‘spijker’, een versterkt voorraad- en woonhuis, al voor 1533 door hertog Karel van Gelre gebouwd: “by die Klingelbeeck opten Rijn-stroem geleegen, streckende die Rijnkant bis aen onse Spucker, wy dair doen tymmeren hebben geheyten Hulkenstein.” Over de oorspong van de naam Hulkestein doen verschillende verhalen de ronde. De ene overlevering wil dat het huis genoemd is naar een boot van de hertog, de Hulck, die op deze plaats in de Rijn lag en in 1537 afgebroken moest worden. Een ander verhaal wil dat Karel het huis de naam gaf van zijn kasteeltje in Nijkerk waar hij ook graag verbleef, Hulkestein of Altena.
Ook liet Karel van Gelre een kapelletje bij Hulkestein vergroten tot kerk. Hij schonk het aan de kanunniken van de St. Walburgiskerk. De geld verslindende oorlogen van Karel van Gelre en zijn weelderige hofhouding hadden hem veel schulden opgeleverd. Na zijn dood kwamen de schuldeisers verhaal halen op Hulkestein en plunderden en verwoestten de kerk. Een deel van de bouwstenen werd vervolgens gebruikt voor de uitbreiding van het klooster Bethanië in Presikhaaf. Na de dood van Karel van Gelre in 1538 kwam Hulkestein in handen van de nieuwe landsheer Karel V, die het in leen liet gebruiken door zijn stadhouder Philips van Lalaing.
Op de kaart uit 1551 van Johannes van Gielis zien we het landelijk gelegen Hulkestein als een landhuis met boerderijtrekken. Het grondgebied is ommuurd aan de noordzijde en grenst aan de huidige Utrechtseweg. Direct rechts, westelijk dus, van Hulkestein zien we enige boerderijen staan.
Van de Utrechtseweg loopt daar al de voorloper van de Klingelbeekseweg naar die boerderijen toe en buigt af richting Oosterbeek. Op de grens van Arnhem en Oosterbeek, gevormd door de Slijpbeek van Mariëndaal, ligt de kern van het buurschap Klingelbeek. Het schetsmatige karakter van de kaart geeft ons geen inzicht of het buurschap is ingetekend en dat de genoemde boerderijen daar deel van uitmaken of dat het gehucht net buiten de kaart valt.
Links van huis Hulkestein is met een galg één van de terechtstellingsplaatsen van het rechtsgebied Arnhem aangegeven.



Naar boven

Hulkestein 18e eeuw




Naar boven

Hulkestein komt in 1666 in handen van de rijke regentenfamilie Brantsen en zou 160 jaar eigendom van dit patriciërsgeslacht blijven. In de 18e eeuw verfraait de familie Brantsen de buitenplaats. Hulkestein blijft niet het enige landhuis in het westen van Arnhem. Na de verwoesting en verdeling van de kloosterbezittingen van Mariëndaal laten rijke bestuurders meer buitenverblijven bouwen. ‘Ruyven’, vooral bekend als Den Brink, is het buitenverblijf en landgoed van stadssecretaris Henrick Willem van Ruyven. Het huis bevond zich op het huidige terrein van het Elektrum. Het landgoed zelf was veel groter en omvatte ook delen van het KEMA-terrein ten noorden van de Utrechtseweg.
‘Harrevelt’ is met meer geheimzinnigheid omkleed. Het zou de voorloper van het Huis Klingelbeek, nu het fraterhuis St. Eusebius, kunnen zijn. Maar dan zou het tussen Hulkestein en Ruyven moeten liggen. Verder onderzoek is hier nodig om definitieve antwoorden te kunnen geven.



Naar boven

Hulkestein 1830




Naar boven

Een familiedrama vond plaats op 6 augustus 1826. Hulkestein werd bewoond door de weduwe van Johan Brantsen, de douariere Maria Leopoldina Catharina van Hasselt en haar twee kinderen van 12 en 11, Agatha en Johan.
Op die dag werd in Arnhem de eerste stoombootdienst tussen Rotterdam en Duisburg gevierd. De raderstoomboot Willem I voer feestelijk heen en weer en vanaf de tuin van Hulkestein werd de boot begroet met een kanonschot. Om de feestvreugde verder te vergroten, besloten de bewoners en gasten van Hulkestein, zeven in getal, met een roeiboot een bezoek te brengen aan de stoomboot. Door baldadig gedrag van een van de opvarenden sloeg de roeiboot om en alle zeven inzittenden kwamen om het leven.



Naar boven

Hulkestein 1869




Naar boven

Hulkestein 1869




Naar boven

Hulkestein 1874




Naar boven

Literatuur

Knap, W. W.G.Zn. & Vergouwe, G.F.C. (1933). Arnhem 1233-1933. Gedenkboek uitgegeven ter gelegenheid van het zevende eeuwfeest van Arnhems’ stedelijk bestaan. Arnhem: N.V. Drukkerij en Uitgevers-Maatschappij De Vlijt. pp. 99-101, 119-120.

Kooger, H. (1987). Rondom den Brink. Zwerven door West-Arnhem. Arnhem: KEMA. pp. 85-87.

Markus, A. (1907). Arnhem omstreeks het midden der vorige eeuw met geschiedkundige aanteekeningen. Arnhem: Gijsbers & Van Loon, 1975; ongewijzigde herdruk van de uitgave uit 1907. pp. 450-452, 470-472.

Nijhoff. Is. An. (1828). Wandelingen in een gedeelte van Gelderland, of geschiedkundige en plaatsbeschrijvende beschouwing van de omstreken der stad Arnhem. Arnhem: Paulus Nijhoff; vierde druk, 1e druk 1820. pp. 40-44.

Potjer, M. (2005). Historische Atlas van Arnhem. Van Schaarsbergen tot Schuytgraaf. Amsterdam: SUN. pp. 28, 29, 30.

Schulte, A.G. & Schulte-van Wersch, C.J.M. (1999). Monumentaal groen. Kleine cultuurgeschiedenis van de Arnhemse parken. Utrecht: Uitgeverij Matrijs. pp. 20, 24, 25.

Ven, A.J. van de (1933). De oude buitenverblijven rondom de stad.
In: Arnhem Zeven Eeuwen Stad. Officieel gedenkboek. Arnhem: Hijman, Stenfert Kroese en Van der Zande N.V. Boekverkoopers, 1933, pp. 187-223, pp. 189-191.



Afbeeldingen uit bovenstaande literatuur, Bibliotheek Arnhem (o.a. Gelderland in Beeld), Gelders Archief (o.a. Topografische Historische Atlas) en Historisch Museum Arnhem.



Naar boven

Printerversie