Startpagina
Geschiedenis tot 1900
Geschiedenis 1900 - heden
Vesting Arnhem
Monumenten binnenstad
Monumenten buitenstad
Kerk, Klooster, Graf
Scholen
Straten en Pleinen
Sonsbeek en Zijpendaal
Architecten
Verdwenen monumenten
Ambacht en Industrie
Verkeer en Vervoer
Kaarten en Plattegronden
Gezichten op Arnhem
Arnhemmers
Bronnen
Thema's
    Heksenvervolging, 1500-1600
    Pest, 1550-1650
    Galgenberg
    Beul
    Burgemeesters vanaf 1824
    Gemeentegrens
    Geschiedenis Bibliotheek Arnhem
    Wederopbouwmonumenten
    IJssellinie bij Arnhem
Wandelen en Fietsen
Sitemap
Contact

Wederopbouwmonumenten

Op 15 oktober 2007 maakte minister Plasterk van Cultuur het voornemen bekend om honderd topmonumenten uit de wederopbouwperiode de status van beschermd rijksmonument te verlenen. Honderd objecten met bijzondere architectuur of nationale herinneringswaarde gebouwd tussen 1940 en 1958.
Drie daarvan komen uit Arnhem.

Het bijbehorende artikel is verschenen in De Gelderlander, 20-10-2007.



Naar boven

Rijnbrug

 

Grote Enk

 

Huis der Provincie

 



Naar boven

De schoonheid van het detail
De nieuwe rijksmonumenten van Arnhem

Onderstaand artikel is in verkorte vorm verschenen als:
Vries, J. de (2007). Drie nieuwe rijksmonumenten is wel wat weinig. In: De Gelderlander, Arnhem-editie, 20-10-2007, p. 41.

Op de Markt in Arnhem danst elk uur een gouden boerinnetje tussen twee bomen. Zelfs vele echte ‘Ernummers’ hebben haar echter nog nooit gezien. Mooi kunnen Arnhemmers haar dan ook niet vinden, want ze kennen haar niet. Zo is het ook met twee van de drie Arnhemse bouwwerken die door minster Plasterk uitgekozen zijn als nieuwe rijksmonumenten. In totaal 100 geselecteerde monumenten symboliseren de wederopbouwperiode 1945-1958.

Onomstreden
De keuze voor de Rijnbrug, sinds 16 september 1978 John Frostbrug, is vanzelfsprekend. De brug is een product van het Rijkswegenplan uit 1927 en is, in architectonische zin, niet van betekenis voor de wederopbouwperiode. De brug is ook niet uniek, want de Waalbruggen bij Nijmegen en Zaltbommel (onlangs gesloopt) hebben dezelfde uitvoering. Maar als teken van herrijzend Nederland is de Arnhemse brug wel bijzonder. In de oorlog wordt de brug tweemaal verwoest. Eerst in mei 1940 door het Nederlandse leger om de Duitse opmars te blokkeren. Vlak voor de Slag om Arnhem is de brug hersteld en komt redelijk ongeschonden uit de hevige strijd. De brug overleeft zelfs voor een deel het Amerikaanse bombardement van oktober 1944. In januari 1945 zijn het de Duitsers, die de geallieerde opmars proberen te stuiten, die de brug definitief verwoesten. Vijf jaar later heropent de brugarchitect, inmiddels directeur van Rijkswaterstaat W. Harmsen, de voor de derde maal gebouwde brug. De brug is bovenal hét symbool van de mislukte operatie Market Garden en is voor eeuwig verbonden aan de Slag om Arnhem. Juist de strijd om de brug maakt de keuze als rijksmonument in de categorie ‘Herdenking’ onomstreden.

Verborgen kleuren
De twee andere gebouwen op de nieuwe rijksmonumentenlijst ontlokken meer discussie. Het voormalige hoofdkantoor van de AKU/Akzo-Nobel aan de Velperweg/Tivolilaan zou immers niet meer zijn dan een saaie glazen en betonnen wand. Standaardproductie, dertien in een dozijn, saai, recht-toe-recht-aan. Niets is minder waar, voor de aandachtige toeschouwer. Het geesteskind van professor ir. Henry T. Zwiers (1900-1992) uit 1957 schittert, na een grootscheepse renovatie tussen 2005 en 2006, opnieuw als appartementencomplex De Grote Enk. We vergeven de opstellers van de rijksmonumentenlijst de typefout in De Grote Genk. In een harmonieuze samenwerking tussen projectontwikkelaars, aannemers, architecten en monumentenadviseurs is de ogenschijnlijke saaie strakke glazen en betonnen façade met de originele kleurenstelling in ere hersteld. Kijk naar de vijf uitspringende gekleurde grote vensters en de kleurblokken onder de ramen. Let op het siermetselwerk en de bekroning van de gevel. Wie oog heeft voor de schoonheid van het detail, verliest zijn aanvankelijke aversie voor het oppervlakkige grote geheel. De categorie ‘Economie’, waaronder dit nieuwe rijksmonument valt maakt ook de belangrijke positie, die het bedrijf ENKA/AKU/AKZO/Akzo-Nobel sinds 1911 heeft voor de stad Arnhem, zichtbaar.

Verstopte schoonheid
En het gouden boerinnetje? Zij danst elk uur aan de rechterkant van de Marktgevel van het Huis der Provincie, het derde nieuwe rijksmonument. Op elk heel uur begint het carillon van het provinciehuis te spelen. Boven de klokken opent zich vervolgens een bronzen hekje van beeldhouwster Everdine Henny en daar is het ronddraaiende gouden meisje. Klokkenspel en kunstwerk zijn een geschenk van de Gelderse landbouworganisaties aan de provincie Gelderland geweest bij de bouw en opening (1954) van het nieuwe provinciehuis.
Ook dit gebouw heeft de oppervlakkige schijn van de voorgevel tegen. Donkerbruine baksteen, grijze stenen platen, saaie grote rechthoekige ramen. Maar wie goed kijkt, ziet de variatie in het metselwerk, de gebeeldhouwde reliëfs over de veranderende verhouding tussen bestuur en bevolking aan weerszijden van de toegangspoort, de leeuwenklauwtjes in het balkon en het verstopte gouden boerenmeisje. En dit is alleen nog maar de buitengevel van het door de architecten Jo Vegter en Henk Brouwer ontworpen complex. De binnenplaats en het interieur maken duidelijk dat het geheel een magnifiek ‘Gesamtkunstwerk’ is, waarin architectuur, kunst en publieke functie hand in hand gaan. Liefhebbers kijken daarom reikhalzend uit naar begin 2008 als het boek, dat griffier Bob Roelofs over het provinciehuis aan het schrijven is, verschijnt.

De creatieve stad
Drie nieuwe rijksmonumenten. Drie slechts, want de stad Arnhem is doordrenkt met architectuur van de wederopbouw. Veel gebouwen staan als gemeentemonument geregistreerd, maar het gemeentebestuur voert daarin een halfslachtig beleid. De ontwikkelingen rondom de AKU-fontein kunnen als illustratief voorbeeld dienen. De fontein uit 1961 stond een paar jaar terug op de nominatie om gesloopt te worden, onlangs is het tot gemeentelijk monument verheven met daarbij de toevoeging dat het kan dienen als fietsenstalling. En het is juist de AKU-fontein die twee nieuwe rijksmonumenten met elkaar verbindt. Het fonteincomplex is een gift geweest van de AKU aan de stad bij haar vijftigjarig bestaan en is ontworpen door één van de architecten van het provinciehuis, ir. Henk Brouwer.
De fontein en de bijbehorende patio liggen er ontegenzeggelijk troosteloos bij. Onkruid schiet op tussen de tegels, graffiti ontsiert de patiomuren en fietsen liggen lukraak verspreid. Maar een fietsenstalling in dit wederopbouwkunstwerk? Hoe weinig gevoel voor het verleden, hoe weinig oog voor detail, hoe weinig zin voor historische betekenis, hoe weinig creatieve en financiële durf. Want het Willemsplein heeft een ondergrondse fietsenstalling voor het oprapen. Heropen de oude voetgangerstunnels onder het Willemsplein en herberg er de fietsen. Oudere Arnhemmers krijgen een nostalgische brok in de keel, jongere Arnhemmers kunnen hun fiets kwijt, de tunnel wordt weer zichtbaar gemaakt. Ze kan dienen als symbool van het toenemend autoverkeer na de Tweede Wereldoorlog en van de Koude Oorlog (schuilkelder). Tenslotte kan de AKU-fontein echt opgeknapt worden.
Maar van een gemeentebestuur dat toestaat, dat - tegen het herhaald negatief advies van de eigen Welstands- en Monumentencommissie in - een caféserre wordt aangebouwd tegen een voormalige classicistische 18e eeuwse kerk (ook een rijksmonument), dat afwacht tot een ondernemer het op zich neemt om op eigen kosten een ponton van de historische schipbrug te herstellen, dat zich zo weinig actief en creatief opstelt; van zo’n gemeentebestuur valt dit moeilijk te verwachten. Tot die tijd zoeken we onze monumentale troost in de verborgen schoonheid van de nieuwe rijksmonumenten en in de dans van een gouden boerinnetje.



Naar boven

Grote Enk / Huis der Provincie

Printerversie