Startpagina
Geschiedenis tot 1900
Geschiedenis 1900 - heden
Vesting Arnhem
Monumenten binnenstad
Monumenten buitenstad
Kerk, Klooster, Graf
Scholen
Straten en Pleinen
    Bakkerstraat
    Markt
    Velperplein
    Willemsplein
       ABN-AMRO / Royal
       AKU-fontein
       Dudokgebouw
       Fromberghuizen
       ING - Riche
       Vestagebouw
       Willemsplein geschiedenis
       Willemsplein huidige bebouwing
       Willemsplein in kaarten
Sonsbeek en Zijpendaal
Architecten
Verdwenen monumenten
Ambacht en Industrie
Verkeer en Vervoer
Kaarten en Plattegronden
Gezichten op Arnhem
Arnhemmers
Bronnen
Thema's
Wandelen en Fietsen
Sitemap
Contact

Willemsplein geschiedenis

Inhoud

Overzicht
Ontstaan Willemsplein, 1808-1860
Willemsplein voor de oorlog, 1860-1940
Verwoesting en opbouw, 1944-heden
Literatuur


 

Willemsplein hoek Jansstraat 1895



Naar boven

Overzicht

1825: sloop St. Janspoort
1830: slechting vestingwerken Geldersche Toren / IJskelder
1836: sloop van de stadsmuur en bouw van de Willemskazerne
1855: plein bij Willemskazerne krijgt de naam Willemsplein
1944: in de ‘Slag om Arnhem’ wordt het Willemsplein zwaar getroffen; o.a. Willemskazerne gaat verloren
1950: oostelijk gedeelte van Willemsplein krijgt de naam Gele Rijdersplein
1953: feestelijke opening van het herbouwde ‘nieuwe’ Willemsplein
1961: opening AKU-fontein op de grens van het Willemsplein en Gele Rijdersplein
1963: oostelijk gedeelte van het Nieuwe Plein krijgt de naam Willemsplein
1996-heden: herinrichting verkeersstroom Willemsplein in het kader van ‘Arnhem Centraal’ en ‘Singels doorbroken/Centrumring’


 

Willemsplein 1950



Naar boven

Ontstaan Willemsplein, 1808-1860

Arnhem was rond 1800 een vestingstad. De binnenstad was omringd door een hoofdwal, die terugging tot de middeleeuws stadsmuur. Daaromheen lagen uitgebreide vestingwerken met grachten, bastions, bolwerken en retranchementen.
In 1808 verleende koning Lodewijk Napoleon, na een bezoek aan de stad, goedkeuring om van de vestingwerken plantsoenen te maken. Na koninklijke goedkeuring van Willem I werd in 1825 de St. Janspoort gesloopt. Daarvoor in de plaats kwamen, even ten noorden van de Jansstraat, ‘barriérehuisjes’. Aan deze huisjes moest tot 1851 poortgeld betaald worden om ’s avonds nog de stad in te mogen. In 1856 werden ze afgebroken.
Op 12 maart 1829 gaf koning Willem I toestemming aan het stadsbestuur van Arnhem om de gehele middeleeuwse stadswal te slopen: “Het Stedelijk Bestuur wordt daar en tegen ontheven van de bepalingen om den hoofdwal van Arnhem in stand te houden als verdedigingsmiddel”. In 1830 werden de bastions Geldersche toren en IJskelder, ten oosten van de voormalige St. Janspoort geslecht. De slechting van de wal tussen de St. Jans- en Velperbarière volgde in 1836. Op 4 juli van datzelfde jaar besloot de gemeenteraad om een kazerne voor de infanterie te bouwen op het voormalige bastion “IJskelder”. De Arnhemse aannemer G. van Berkum mag het werk voor de som van f 172.500,00, waarvan f 60.000,00 werd gesubsidieerd door het rijk, uitvoeren. Voor de bouw van deze kazerne werd de Doelenpoort gesloopt. Het kazernegebouw was een ontwerp van stadsarchitect Ant(h)ony Aytin(c)k van Falkenstein. Deze zou ook de Koepelkerk (1837-1838) op het Jansplein en het Paleis van Justitie (1838-1839) op de Markt ontwerpen.
Op 17 april 1838 stemde de raad in met het voorstel van burgemeester mr. Johan Weerts om het nieuwe kazernegebouw ‘Willemskazerne’ te noemen. Op 8 oktober 1855 besloot de raad om het plein voor de Willemskazerne ‘Willemsplein’ te noemen.
In 1855 werd ook de verlenging van de spoorlijn naar Duitsland (Emmerik) geopend. De spoorweg was op een hoge dijk, direct ten noorden van de vroegere vestingwerken, aangelegd. In het verlengde van de Jansstraat was een viaduct met drie doorgangen aangelegd: de eerste Zijpendaalsche poort (Zijpsche Poort).
In het in 1853 gepresenteerde plan van de gemeentearchitect H.J. Heuvelink in 1853 voor een planmatige uitbreiding van de stad werd het gebeid ten noorden en oosten van de Jansstraat vrijwel ongemoeid gelaten.
Bij de afbraak van de hoofdwal bij de Janspoort rond 1836 waren de armoedige krotwoningen daar met rust gelaten. Al snel waren die huizen een doorn in het oog van het stadsbestuur en veel Arnhemmers, omdat ze het aanzien van de stad schaadden. Om de krottenwoningen uit het zicht te houden werden grote gebouwen, zoals het gebouw van de ‘Kunstuitoefening’ (1846) en de ‘Fromberghuizen’ (1853), met de voorgevel naar het nieuwe plein gebouwd.

Rond 1860 is de situatie als volgt: het Willemsplein heeft haar oorsprong op wat tegenwoordig het Gele Rijdersplein is. De kazerne stond op de huidige parkeerplaats tegenover de Bovenbeekstraat in de oosthoek; de Looierstraat bestond nog niet, deze werd pas na 1945 aangelegd. De verbinding met het Velperplein werd gevormd door de Velperpoortlangstraat,
Het gehele Willemsplein strekte zich in het zuiden uit van de Bovenbeekstraat tot de Jansstraat. De grens in het noorden lag bij de Zijpendaalsche Poort en de Janssingels.
De huidige Jansbinnensingel kreeg haar naam pas na 1859. Tot 1859 was de naam Sint Jansbinnen Cingel weggelegd voor het gebied direct ten westen van de Jansstraat. Dit gebied werd door de raad op 15 december 1856 omgedoopt tot Nieuwe Plein. Tegenwoordig behoort dit gedeelte tot het Willemsplein (zie verderop).


 

Willemsplein hoek Oude Stationsstraat 1912



Naar boven

Willemsplein voor de oorlog, 1860-1940

De Willemskazerne en de Fromberghuizen bepaalden tot 1866 het aanzien van het Willemsplein. In dat jaar werd op 17 september, na het raadsbesluit tot bouw d.d. 11-2-1865, het nieuwe gebouw van de gemeentelijke Hooge Burgerschool (H.B.S.) geopend. Het nieuwe schoolgebouw lag direct ten westen van de Willemskazerne, waardoor de laatste enigszins geïsoleerd kwam te liggen. Het terrein voor de HBS en de Fromberghuizen tot aan de Janssingels en Zijpendaalsche Poort werd het hart van het Willemsplein.
Vanaf 1865 jaren verrezen ook veel grote herenhuizen aan het Willemsplein voor woongebruik of als combinatie woon- en kantoorhuis. Notarissen, verzekeringsmaatschappijen en bankers wisselden elkaar tot de Tweede Wereldoorlog af in deze huizen.
In 1881 werd de Willemskazerne aangewezen als garnizoen voor het Korps Rijdende Artillerie. De eenheden van dit legeronderdeel werden, naar hun uniform, ‘Gele Rijders’ genoemd.
Op de hoek van het Willemsplein en de Jansbinnensingel stond het woonhuis van de bankiersfamilie Wurfbain (directie van de Van Ranzow’s Bank in de Koningstraat). Dit huis werd in 1925 gesloopt om plaats te maken voor het immense café-restaurant ‘Royal’. Architect was Willem Diehl, die ook al de ontwerper was van het, vanaf het Willemsplein goed zichtbare, Luxortheater (voor 1963 Nieuwe Plein, na 1963 Willemsplein) en het Vestagebouw (Jansbuitensingel).
In 1938 werd aan de noordwestzijde van het plein (tegenover de Jansstraat) het kantoor van verzekeringsmaatschappij ‘De Nederlanden van 1845’ neergezet. Ontwerper was de beroemde Nederlandse architect W.M. Dudok.

Aan het eind van de 19de eeuw werd het Willemsplein steeds meer een verkeersknooppunt in Arnhem. Door haar ligging in het verlengde van de Stationsstraat en de Utrechtseweg kwamen treinreizigers en het verkeer uit Oosterbeek en verder richting Utrecht al uit op het Willemsplein. Door de Zijpendaalse Poort was het plein de verbinding met het noordwesten van de Veluwe (richting Amsterdam, Ede en Harderwijk). Toen de voormalige landgoederen rondom park Sonsbeek vanaf 1900 volgebouwd werden (Transvaalbuurt, Burgemeesterskwartier), kwamen nog meer mensen via het Willemsplein de stad in.
Tussen 1880 en 1911 reed de paardentram van de particuliere N.V. Arnhemsche Tramwegmaatschappij (ATM) op de route Arnhem-Velp via het Willemsplein. Na de overname van de tramlijnen door de gemeente vond in 1911 de overschakeling van paardentram naar een elektrische tramdienst plaats. De lijnen 1 (Arnhem-Velp), 2 (Burgemeesterkwartier-Boulevardkwartier) en 3 (Graaf Ottoplein via Willemsplein, Rijnkade en Markt naar Velperplein) gingen allen via het Willemsplein. Toen de tramrails in de zomer van 1931 werden vernieuwd was een tijd lang het Willemsplein één grote bouwplaats.
De Zijpse Poort was te klein geworden voor het toenemende verkeer en werd in 1909 vergroot, waarbij de drie smalle doorgangen vervangen werden door één grote onderdoorgang van twintig meter breed. De nieuwe poort stond een tiental meters oostwaarts van de oude poort en lag daardoor niet meer direct in het verlengde van de Jansstraat.

Het Willemsplein was vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog een groot, gevarieerd plein geworden. Ruiters van het Korps Rijdende Artillerie (‘Gele Rijders’) trokken erover om hun Willemskazerne te bereiken. De leerlingen van de HBS zorgden overdag voor levendigheid. Vooral als ontmoetingspunt van de verschillende tramlijnen door Arnhem, was het op het plein voortdurend een komen en gaan van mensen. Het autoverkeer beheerste het plein nog niet, de grootste drukte kwam van de elektrische trams en haar reizigers. Het overstappunt van de trams, midden op het plein, was omgeven met veel bomen. Het grote groene plein was door de tramlijn van en naar de Jansbinnensingel in tweeën gedeeld.
Het Willemsplein was een geliefd uitgaanscentrum. Direct aan het plein stonden, op het Nieuwe Plein, grandcafé-restaurant Riche (hoek Jansstraat) en het Luxortheater (noordzijde). Het grote en chique café-restaurant Royal en hotel als ‘De Harmonie’ (in één van de Fromberghuizen), Continental (tot 1939 op nr. 6), Parkzicht/Riche en Parkhotel zorgden op het Willemsplein zelf voor de horecagelegenheden.
Naast het café en restaurant gedeelte bezat Royal ook vergaderzalen en feestzalen, waar frequent gebruik werd van gemaakt. Royal trok vooral gegoede burgers die woonden in de Transvaalbuurt of kantoor hielden in één van vele notaris-, bank- en verzekeringshuizen op en rondom het Willemsplein. Daarnaast bezochten de officieren van de ‘Gele Rijders’ regelmatig het etablissement.
Qua architectuur was het Willemsplein een stijlkaart van bouwstromingen geworden. Het neo-classicisme werd vertegenwoordigd door de Fromberghuizen, het HBS-gebouw en de vele herenhuizen. Royal had een strakke donkerbruine art-decogevel, wat contrasteerde met de lichtgekleurde, gebogen gevel met veel glas in de stijl van de Nieuwe Zakelijkheid, van ‘De Nederlanden van 1845’.


 

Willemsplein 1925



Naar boven

Verwoesting en opbouw, 1944-heden

Tijdens de Duitse bezetting werd de Willemskazerne een opleidingscentrum voor SS-soldaten. Daarmee werd de kazerne een belangrijk doelwit voor de geallieerden, die in de ‘Slag om Arnhem’ de Rijnbrug probeerden te veroveren. Op zondag 17 september 1944 wordt de Willemskazerne gebombardeerd en brandde volledig uit. Datzelfde lot onderging ook café-restaurant Royal.
Na het einde van de oorlog vond een reconstructie plaats van de verwoeste binnenstad van Arnhem. Het Willemsplein kreeg voor het verkeer een circuitvorm, waardoor men voorlopig geen stoplichten hoefde te plaatsen. De tramhaltes op het middengedeelte werden vervangen door trolleyhaltes, met drie perrons, aan de zuidkant van het plein. Tussen de trolleyhaltes en het trottoir was ruimte vrijgehouden voor het autoverkeer richting de nieuwe Looierstraat en het Velperplein. Het middengedeelte werd een grasveld met een enkele boom. Om het grasveld kwam een twaalf meter brede weg. Ook werden twee voetgangerstunnels aangelegd, die tevens als schuilkelder (Koude Oorlog) konden dienen. De Zijpse Poort werd opnieuw verbreed en kreeg, net als haar voorganger tussen 1855 en 1909, wederom drie doorgangen. Hierdoor werd het viaduct voor fietsers en voetgangers een stuk veiliger. De blokvormige, donkere, doorgangen voor fietsers en voetgangers stond in contrast met de open, gebogen autopassage.
In november 1953 werd het nieuwe Willemsplein met een autorally en de onthulling van het beeld ‘Hert’ (Le Grand Cerf) van de beeldhouwer Francois Pompon geopend. Dit beeld, een overblijfsel van de Sonsbeekexpositie van 1952, zou de komende decennia een markant herkenningspunt blijven op het plein, hoewel het meerdere malen van plek en ‘kijkrichting’ veranderde.

De Willemskazerne werd na de oorlog niet meer opgebouwd. Als herdenking aan het gelegerde ‘Korps Rijdende Artillerie’ werd dit gedeelte van het Willemsplein in 1950 omgedoopt tot Gele Rijdersplein.
Behalve ‘Royal’ waren de gebouwen aan het Willemsplein niet of slechts licht beschadigd. De HBS, de Fromberghuizen en de andere herenhuizen werden opgeknapt en met de bouw van een geheel nieuw, in moderne stijl uitgevoerde, Royal leken oude tijden te herleven aan het Willemsplein. Dat was slechts van korte duur, want in 1959 werd het oude gebouw van de voormalige HBS, sinds 1955 Thorbecke Lyceum geheten, gesloopt. Op deze plaats, de overgang van het Gele Rijdersplein naar het Willemsplein, verrees in 1961 de AKU-fontein. De fontein, met het beeld ‘Libelle’ (ook wel ‘Phoenix’ genoemd) van de kunstenaar Shinkichi Tajiri, was een geschenk van de kunstzijdefabriek AKU aan de stad Arnhem bij haar vijftig jarig bestaan. Een onderdeel van ‘de fontein’ (architect: H. Brouwer) was een overdekte galerij met daarbinnen een patio.
In 1963 werd besloten om het oostelijk gedeelte van het Nieuwe Plein ook Willemsplein te noemen. Daarmee kreeg het plein de beschikking over markante gebouwen als café-restaurant Riche, bioscooptheater Luxor en andere imposante herenhuizen cq. stadspaleizen. In 1965 werden de panden direct naast de Fromberghuizen (het uiterste linkergedeelte van de Fromberghuizen, nr. 44, was tot 1972 in gebruik als Hotel de Harmonie) gesloopt. In de plaats kwam bebouwing met een onderdoorgang naar de Jansplaats. De straatnummering rechts van de doorgang bleef van het Willemsplein en links van de doorgang werd het Gele Rijdersplein.

In de jaren zestig nam het autoverkeer steeds meer toe. Het Willemsplein werd steeds meer een trolleybus- en autoplein. Cafés als Riche en Royal verloren een belangrijk deel hun klandizie door de drukte, het lawaai en de uitlaatgassen. Door saneringen en fusies verloren de herenhuizen hun functie als kantoor voor banken, notarissen en verzekeringsmaatschappijen. Langzamerhand nemen minder chique restaurants, met als voortrekkers de ‘Chinezen’ Nanking en Azië, en uitzendbureaus hun plaats in. Royal sloot haar deuren in 1969 en de ABN-bank (vanaf 1991 ABN AMRO) vestigde in het pand een filiaal. Riche hield het vol tot 1987. De voetgangerstunnels, van Willemsplein nr. 1 naar Jansbuitensingel en van Willemsplein 5 (kantoor ‘De Nederlanden’) naar de busperrons voor de Jansstraat, waren al rond 1960 gesloten. Vrijwel niemand maakte er gebruik.
Om de trolleys meer ruimte bieden, werden in 1975 aparte busbanen aangelegd.
Aan het eind van 1977 werd de tweede Rijnbrug (Roermondspleinbrug / Nelson Mandelabrug) in gebruik genomen. De verkeersdruk op het Willemsplein werd daarmee nog verder vergroot.
Verschillende verkeersplannen en aanpassingen passeerden vervolgens. Zo werden in 1995 de busbanen verbeterd. In 1996 werd de impasse doorbroken door de combinatie van de herinrichtingsplannen ‘Arnhem Centraal’ (vaststelling ‘Masterplan’ in 1996) en de ‘Centrumring’ (deels in gebruik sinds 2004). De Willemstunnel werd aangelegd (start bouw 1998, opening februari 2000) en het doorgaande verkeer vanaf de nieuwe (de vierde) Zijpse Poort (begin aanleg 2002; viaduct en wegdek geheel gereed in 2005) mocht niet meer over het plein. De bushaltes werden verruimd en de doorsteken voor de auto’s naar de Jansbinnensingel en de Looierstraat werden geschrapt. Dit alles ten faveure van de trolleybussen, de voetgangers en de fietsers, die weer ruim baan kregen op het plein. De vooroorlogse rust keerde voor een belangrijk deel terug op het Willemsplein.


 

Willemsplein 1954



Naar boven

Literatuur

Arnhems Stadsplan. Rapport van de Studiecommissie voor het Stadsplan Arnhem. (1953).
Arnhem: S. Gouda Quint/D. Brouwer & Zoon. pp. 95, 98, 119-121, 129-130.

Augusteijn, J. (1997). Historische plattegronden van Nederlandse steden. Deel 8.1 Gelderland. De Veluwe.
Alphen aan den Rijn: Uitgeverij Canaletto.

Beks, M. & Heusden, W. van (1983). Beeldenvaart door Arnhem.
Arnhem: Stichting Festival Arnhem. pp.26, 27, 36, 37.

Caderius van Veen, D. & Ploeg, H. van der (2004). Verliefd op Arnhem. Deel 5.
Arnhem: Uitgeverij Ellessy i.s.m. De Gelderlander. pp. 32-33, 66-67, 68-69, 98-99, 114-115.

Dalman, R.S. (1993). Groeten uit een veranderend Arnhem. Tussen 1893 en 1993 ligt een eeuw.
Zaltbommel: Europese Bibliotheek. pp. 14-27, 123-124.

De Gelderlander.

Fockema, D., Hogerlinden J.G.A. & Wal, G. van der (1913). Gedenkboek van Arnhem 1813-1913.
Rotterdam: N.V. W.N.J. van Ditmar’s Uitgevers Maatschappij. pp. 119, 122.

Fockema Andreae, S.J. (1925). De uitbreiding der stad Arnhem tusschen 1715 en 1878.
In: Bijdragen en Mededeelingen Gelre, deel XXVIII, 1925, pp. 139-183.

Frank, C.J.B.P. & Haans, F.A.C. (1996). De binnenstad. Duizend jaar wonen in Arnhem tussen Singels en Rijn.
Utrecht: Uitgeverij Matrijs.

Graswinckel, D.P.M. (1933). Een wandeling door Arnhem in vroegere eeuwen.
In: Arnhem Zeven Eeuwen Stad. Officieel gedenkboek.
Arnhem: Hijman, Stenfert Kroese en Van der Zande N.V. Boekverkoopers, 1933; pp. 123-185, pp. 129, 130.

Haak, S.P. (1933). Arnhem door de eeuwen heen.
In: Arnhem Zeven Eeuwen Stad. Officieel gedenkboek.
Arnhem: Hijman, Stenfert Kroese en Van der Zande N.V. Boekverkoopers, 1933; pp. 29-91.

Janssen, G.B. (2000). Van bolwerk tot bunker. Militaire complexen in Arnhem.
Utrecht: Uitgeverij Matrijs.

Jeurissen, A.P.J. & Wientjes, R.C.M. (2005). Arnhem na de oorlog 1945-1970.
Arnhem: Gijsbers & Van Loon. nr. 63-70.

Knap, W. W.G.Zn. & Vergouwe, G.F.C. (1933). Arnhem 1233-1933. Gedenkboek uitgegeven ter gelegenheid van het zevende eeuwfeest van Arnhems’ stedelijk bestaan.
Arnhem: N.V. Drukkerij en Uitgevers-Maatschappij De Vlijt. pp. 122, 129, enz.

Laan, A. (z.jr./1969). Arnhem.
Arnhem: Gemeente Arnhem. (ongepagineerd).

Lavooij, W. (1990). Twee eeuwen bouwen aan Arnhem. De stedebouwkundige ontwikkeling van de stad.
Zutphen: De Walburg Pers.

Lavooij, W. (1990). Twee eeuwen bouwen aan Arnhem. Jongere bouwkunst vanaf 1840.
Zutphen: De Walburg Pers. pp. 112.

Markus, A. (1907). Arnhem omstreeks het midden der vorige eeuw met geschiedkundige aanteekeningen.
Arnhem: Gijsbers & Van Loon, 1975; ongewijzigde herdruk van de uitgave uit 1907. p. 4, 12-15, 17-19, 403-404.

Roelofs, B. (1995). De wederopbouw van Arnhem 1945-1964.
Utrecht: Uitgeverij Matrijs. pp. 65-67.

Schaap, K. & Stempher, A.S. (1973). Arnhems Oude Stadshart.
Arnhem: Gemeentearchief Arnhem.

Schaap, K. & Stempher, A.S. (1989). Arnhem omstreeks 1865.
Arnhem: Gouda Quint bv.

Schulte, A.B.C. & Schulte, A.G. (2004). De verdwenen stad. Arnhem voor de verwoesting van 19944-1945.
Utrecht: Uitgeverij Matrijs. pp. 72-74.

Staats Evers, J.W. (1868). Beschrijving van Arnhem.
Arnhem: Nijhoff & Zn.

Stempher, A.S. (1968). Sjouwen door Oud-Arnhem.
Arnhem: Gijsbers & Van Loon. pp. 89-95.

Stempher, A.S. (1969). Nog ‘s sjouwen door Oud-Arnhem.
Arnhem: Gijsbers & Van Loon. pp. 37-39.

Stempher, A.S. (2003). Arnhem zo was het, deel 1.
Hoevelaken: Verba. nr. 85-86.

Stenfert Kroese, H.E. & Neijenesch, D. W. (1919). Arnhem en zijn toekomstige ontwikkeling.
Arnhem: Thieme. pp. 4, 5, 6-9, 164-165.

Vereniging Voor Vreemdelingenverkeer (1921). Arnhem als woonplaats.
Arnhem: V.V.V. pp. 43, 69

Vredenberg, J. (2004). Wederopbouw. Stedenbouw en architectuur in Arnhem 1945-1965.
Utrecht: Uitgeverij Matrijs. pp. 20.



Afbeeldingen: uit bovenstaande literatuur en Gelders Archief.
Foto’s 2006: Stijn de Vries.


 


Naar boven

Printerversie