Startpagina
Geschiedenis tot 1900
Geschiedenis 1900 - heden
Vesting Arnhem
Monumenten binnenstad
Monumenten buitenstad
Kerk, Klooster, Graf
Scholen
Straten en Pleinen
Sonsbeek en Zijpendaal
    De Boerderij
    Sonsbeek Paviljoen / Theeschenkerij
    Witte Villa
    Huis Zypendaal
       Zypendaal voor 1753
       Kaart Zypendaal 1753
       Laatste Brantsens (1)
       Laatste Brantsens (2)
       Laatste Brantsens (3)
       Laatste Brantsens (4)
       Na de Brantsens (1)
       Na de Brantsens (2)
    Molens Jansbeek
    Witte Watermolen
    Watermuseum/Begijnenmolen
Architecten
Verdwenen monumenten
Ambacht en Industrie
Verkeer en Vervoer
Kaarten en Plattegronden
Gezichten op Arnhem
Arnhemmers
Bronnen
Thema's
Wandelen en Fietsen
Sitemap
Contact

Zypendaal na de Brantsens (1)

Tekst: Jorien Jas, conservator bij de Geldersche Kasteelen / Geldersch Landschap.

Deze tekst is eerder verschenen als:
Jas, J. (2005). Zypendaal na de Brantsens (deel 1).
In: Infobulletin Parken Sonsbeek, Zijpendaal en Gulden Bodem. (Vereniging Vrienden van Sonsbeek), jrg. 17, nr. 1, lente 2005, pp. 3-5.


 

Zeijpendaal Uit de bruikleenperiode: krantenfoto van kasteel Zypendaal, met onjuist bijschrift; foto uit de collectie van Stichting Vrienden der Geldersche Kasteelen, Arnhem.



Naar boven

Inhoud

Inleiding
Een lustoord gered
Oost en west op Zypendaal
Alsnog aangekocht
Bronnen



Naar boven

Inleiding

Dit jaar is het 75 jaar geleden dat de gemeente Arnhem Zypendaal aankocht. Aan de aankoop in 1930 ging een vijftal jaren vooraf waarin de gemeente het park in bruikleen kreeg. In diezelfde periode kwam er een einde aan de band tussen de buitenplaats Zypendaal en de familie Brantsen. Meer dan anderhalve eeuw hadden vijf generaties van dit de Arnhemse regentengeslacht Zypendaal bewoond. Aanvankelijk als buitenplaats, maar vanaf het eind van de 19de eeuw gingen zij gedurende het hele jaar op Zypendaal wonen. De onderhandelingen over de verkoop van Zypendaal begonnen zelfs al voor het overlijden van de weduwe Brantsen-Bohlen. In dit eerste deel: vanaf de verkoop in 1925 door de Brantsens tot aan de Tweede Wereldoorlog.

Al in 1924 liet graaf von der Goltz aan het gemeentebestuur weten dat het landgoed zou worden verkocht.Het was toen precies 25 jaar geleden dat de gemeente Arnhem Sonsbeek had verworven. Desondanks bleek het allerminst vanzelfsprekend voor de gemeente om het aangrenzende Zypendaal aan te kopen. De onderhandelingen vonden plaats toen de laatste weduwe Brantsen nog op huis Zypendaal woonde. De Gemeente Arnhem werd als eerste de kans geboden park en huis (Arnhemmers noemen het 'kasteel') Zypendaal aan te kopen. De discussies tussen burgemeester en wethouders en de gemeenteraad verliepen stroef en spitsten zich toe op de verkoopprijs. In een raadsvergadering van begin 1925 werd het voorstel om huis en park voor 450.000 gulden aan te kopen verworpen. De raad vond de koopprijs "zeer veel te hoog". Met 24 tegen tien stemmen werd een motie aangenomen om Zypendaal aan te kopen voor 350.000 gulden. Dat was voor de eigenaren onbespreekbaar. Graaf von der Goltz dreigde met sloop van het landgoed, een groot deel van het bomenbestand zou spoedig
worden gerooid. Gelukkig kreeg de geschiedenis een gunstige wending door het optreden van de directeur van wat toen de grootste industriële onderneming van Arnhem was.



Naar boven

Een lustoord gered

De directeur van de N.V. Nederlandsche Kunstzijdefabriek, dr. J.C. Hartogs, kocht, kort nadat de gemeenteraad zich tegen de aankoop had verklaard, huis en park Zypendaal voor 405.000 gulden. Zijn bedoeling was "te voorkomen, dat het natuurschoon van het landgoed Zypendaal verloren ga”. Met de verplichting het als openbaar park te onderhouden werd Zypendaal om niet in bruikleen gegeven aan de Gemeente Arnhem. En zo gebeurde het dat Arnhems grootste bedrijf er voor zorgde dat Zypendaal een nieuwe toekomst kreeg “als lustoord en wandelplaats voor de geheele bevolking''. Zijn aankoop van Zypendaal om het park openbaar toegankelijk te maken, past in een reeks van filantropische activiteiten van Hartogs. Zo richtte hij bijvoorbeeld een dagsanatorium voor kleuters op.
Als voorwaarde stelde de Kunstzijdefabriek dat de gemeente het onderhoud van het park voor z'n rekening zou nemen. De kosten van herstel en onderhoud van het park werden berekend op 7000 gulden per jaar.Voor dit bedrag was het mogelijk het hele jaar twee werklieden aan te stellen, die in perioden van houtkap werden aangevuld met extra personeel. In de raadsvergadering over het voorstel Zypendaal in bruikleen te aanvaarden volgden lofuitingen elkaar op. Er waren wel vragen van financiële aard. Was de gemeente niet beter af geweest met aankoop in plaats van bruikleen? Was het onderhoud niet te laag begroot? De wethouder benadrukte het onderscheid tussen de parken Sonsbeek en Zypendaal. Waar Sonsbeek werd onderhouden als een wandelpark was het de bedoeling Zypendaal te onderhouden in de “natuurstaat” waarin het op dat moment verkeerde. Zonder hoofdelijke stemming werd het voorstel van burgemeester en wethouders aanvaard.



Naar boven

Oost en west op Zypendaal

De bruikleenovereenkomst tussen de Kunstzijdefabriek en de Gemeente Arnhem betrof alleen het park. Huis Zypendaal met bijgebouwen en omgeving en ook 14,5 ha bouwland bleven daarbuiten. Het huis werd nog bewoond door de weduwe Brantsen-Bohlen. Zij overleed op 21 april 1926. Direct na haar overlijden, nog voor de ontruiming van het huis, is een reeks foto's gemaakt van het interieur van Zypendaal. Het afscheid van de familie Brantsen van "de Zyp"was nabij.
Na het overlijden van de bewoonster kwam ook het huis Zypendaal ter beschikking van de Kunstzijdefabriek en kort daarna moeten de onderhandelingen zijn gestart over een grootschalige Indische tentoonstelling, te houden in Arnhem. De initiatiefnemers benaderden Hartogs en al snel werd overeenstemming bereikt: huis Zypendaal en onmiddellijke omgeving zou het tentoonstellingsterrein vormen. De Indische Tentoonstelling vond plaats in juni-juli 1928. Wat de omvang betreft is de Indische tentoonstelling wel vergeleken met de gelijktijdig in Amsterdam gehouden Olympische spelen. Prins Hendrik opende de tentoonstelling op 11 juni 1928. In de volgende zeven weken kwam er een half miljoen bezoekers. Daarmee was de manifestatie een groot succes: zowel de bezoekersaantallen als de inkomsten waren hoger dan verwacht. In huis Zypendaal waren enkele vertrekken ingericht met producten uit Indië. Rond het huis lagen verschillende paviljoens, waarvan vooral het vlakbij het huis gelegen Indische restaurant met zijn ronde plattegrond en bijzondere dakconstructie opviel.


 

Zypendaal, ITA 1928 Tijdens de ITA in 1928: Indisch Theehuis in het gouverneurshuisje; Ansichtencollectie Frans Brink.



Naar boven

Alsnog aangekocht

Eerder dan beide partijen hadden verwacht kwam er een einde aan het bruikleen van het park. Op 29 maart 1930 werd de overeenkomst opgezegd door het bedrijf dat inmiddels Algemeene Kunstzijde Unie of ENKA heette. Onmiddellijk antwoordden burgemeester en wethouders dat het onwaarschijnlijk was dat gemeenteraad akkoord ging met aankoop van Zypendaal voor de verkoopprijs van vijf jaar eerder. Burgemeester en wethouders schroomden ook niet direct aan de rijksoverheid een bijdrage te vragen. Met de Kunstzijde Unie werd stevig over de prijs onderhandeld. De doorbraak vormt de toezegging die het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Landbouw op 2 juni 1930: gedurende tien jaar zal een jaarlijkse bijdrage van 10.000 gulden beschikbaar worden gesteld voor aankoop en onderhoud van Zypendaal. Ruim twee weken later deed de ENKA een laatste bod: de vraagprijs voor huis Zypendaal en bijgebouwen, park en bouwland werd definitief vastgesteld op 375.000 gulden.
De ENKA moest door de slechtere economische situatie Zypendaal verkopen. Voor de gemeente Arnhem waren het echter ook geen gemakkelijke tijden. Burgemeester en wethouders moesten alles in het werk stellen om de aankoop mogelijk te maken. Daarbij werd het succes van de Indische Tentoonstelling aangehaald. Waarom zouden niet meer van dergelijke activiteiten kunnen worden gehouden die bezoekers uit het hele land naar Arnhem zouden doen stromen? De gemeenteraad ging overstag en vanaf 1 november 1930 mocht de gemeente Arnhem zich eigenaresse noemen van Zypendaal. Met recht was de gemeente trots op de verwerving van deze “schat van natuurschoon”. Huis en park gingen een nieuwe toekomst tegemoet. Het huis zou spoedig een pensionfunctie krijgen. In 1937 kwam daarin verandering doordat het Ministerie van Oorlog onderhuurster werd.



Naar boven

Bronnen

Gelders Archief, Archief Gemeente Arnhem: secretariearchief 1925-1937.
P. van Dam, De I.T.A.. Een Indische tentoonstelling op het landgoed 'Zypendaal', Arnhem de genoeglijkste, jrg. 11 nr. 3, september 1991, p. 100-108.
Mr. S.J. de Monchy, Twee ambtsketens. Herinneringen uit mijn burgemeesterstijd, Arnhem 1946.

Deze tekst is eerder verschenen als:
Jas, J. (2005). Zypendaal na de Brantsens (deel 1).
In: Infobulletin Parken Sonsbeek, Zijpendaal en Gulden Bodem. (Vereniging Vrienden van Sonsbeek), jrg. 17, nr. 1, lente 2005, pp. 3-5.



Naar boven

Printerversie