Startpagina
Geschiedenis tot 1900
Geschiedenis 1900 - heden
Vesting Arnhem
Monumenten binnenstad
Monumenten buitenstad
    Angerenstein
    Beaulieu
    Bronbeek
    Conservatorium/Kraton
    Elisabethsgasthuis
    Grote Enk
    Heidemaatschappij
    KAB-Posttheater
    Koepelgevangenis
    Lichtenbeek
    Mariendaal Huis
    Station Klarendal
    Museum/Buitensocieteit
    (Pur)Finastation
    Rennen Enk/Insula Dei
    Rosorum
    Sterrenberg
    Valburg Amsterdamseweg
    Watertoren Stenen Tafel
    Zijpendaalseweg 2
Kerk, Klooster, Graf
Scholen
Straten en Pleinen
Sonsbeek en Zijpendaal
Architecten
Verdwenen monumenten
Ambacht en Industrie
Verkeer en Vervoer
Kaarten en Plattegronden
Gezichten op Arnhem
Arnhemmers
Bronnen
Thema's
Wandelen en Fietsen
Sitemap

Rennen Enk/Insula Dei

Inhoud

Overzicht
Geschiedenis
Kadastrale gegevens 1832
Literatuur



Naar boven

Overzicht

Naam: Rennen Enk / Insula Dei
Adres: Velperweg 137, Arnhem
Bouwjaren: 1830, 1849
Stijl: neoclassicisme
Opdrachtgever: mr. Joan Adolph Alexander baron van Pallandt van Westervoort
Restauratie
: 1966, 1971, 1990.
Gebruik bij oplevering: woonhuis
Gebruik anno 2005: verzorgingsappartementen binnen het complex Insula Dei



Naar boven

Geschiedenis

In de middeleeuwen behoren de landerijen, rondom wat later Rennen Enk is gaan heten, tot het klooster Monnikhuizen.
In de eerste helft van de zeventiende eeuw was Jan Rennen eigenaar van het landgoed en liet er een huis bouwen. Nadat hij omstreeks 1650 verhuisde naar Holten verhuisde, werd het huis "Renn'Eng" of "Rennen Enk" genoemd. Enk is een oude benaming voor gemeenschappelijke bouwgronden die bij een dorp of buurtschap horen.
Van het door Jan Rennen bewoonde huis bestaat alleen de kelder onder de zuidwesthoek van het huidige huis nog. Voor de kelder en misschien het huis zelf werden middeleeuwse bakstenen gebruikt. Deze oude stenen zijn nu verborgen achter een keurig pleisterlaag.
In 1750 werd een geheel nieuw huis opgetrokken op de oude restanten van het huis van Jan Rennen.
In 1820 koopt Jan baron van Pallandt van Walfort, de eigenaar van het huis en landgoed Klarenbeek, de gronden van Rennen Enk. De baron is lid van de Gedeputeerde Staten en honorair kamerheer van de Koning.
De oudste dochter van de baron, Adolphine Charlotte Wilhelmine van Pallandt trouwde in 1829 met haar neef mr. Joan Adolph Alexander baron van Pallandt, heer van Westervoort. Zij laten een jaar na hun huwelijk het huis Rennen Enk bouwen. De baron J. van Pallandt van Westervoort, die van 1841 tot 1872 burgemeester van Arnhem was, zou er tot zijn dood in 1876, op 69-jarige leeftijd, blijven wonen. Zijn weduwe overleefde hem nog acht jaar, zij overleed op 6 december 1884 op 78-jarige leeftijd.
Na de benoeming tot burgemeester (1841) en de geboorte van hun twaalfde en laatste kind (1848) lieten zij het huis in 1849 vergroten. De burgemeester en zijn vrouw woonden er met hun twaalf kinderen vooral in de zomermaanden. In de overige tijd verbleven zij in de ambtswoning aan het Walburgplein.
Op Rennen Enk lieten de Van Pallandts het noordelijkste vertrek van de oude westvleugel afbreken en bouwden een groot wit huis tussen de drie oude vleugels. Het nieuwe gedeelte onderscheidde zich nadrukkelijk van het oude: de met witstuc afgewerkte voorkant verheft zich boven de oudere gebouwen en is versierd met een aardige balustrade met schelpenornament en een balkon en terras, beide omgeven door prachtig smeedijzer. Van binnen bestond het huis uit twee ruimten: aan de achterzijde lag een grote hal, waarin een nieuw stukje trap toegang gaf tot een reeds bestaande overloop, oorspronkelijk te bereiken door een trap van de zuidkant af. De voorkant bestond uit één grote zaal in Moorse stijl, met vier deuren uitkomend op het terras, waar 's avonds lampen brandden.
De oostvleugel van 1800 werd verlengd, de naad tussen de twee gedeelten is duidelijk zichtbaar. Een nieuwe noordvleugel, sprekend gelijkend op de oude zuidvleugel, maakte van het huis een harmonisch geheel. Een balustrade werd langs de dakrand aangebracht, tenminste aan de gehele westelijke en zuidelijke kant. De raamindeling aan de oostkant werd veranderd. De initialen W.v.P. en het jaartal 1849 zijn nog zichtbaar, waar de pui en de noordvleugel samenkomen.
Waarschijnlijk werd het huis na 1849 weinig veranderd door de volgende generaties Van Pallandt en kunnen we met behulp van een plattegrond in onze gedachten het negentiende-eeuwse huis betreden.
De voordeuren werden bereikt door een entree, nu in tweeën gesplitst; ze leiden naar de vestibule, waar de heer des huizes zich door een nog bestaand halletje naar zijn rookkamer kon begeven, terwijl het personeel druk bezig was in het poetskamertje ernaast op de noordwesthoek, of in de keuken aan de linkerkant. Deze oude keuken is nu verdeeld in kantoortje en keuken, met daarnaast een nog bestaande trap en een personeelskamer, waar toentertijd de garderobe was.
Door de vestibule kwam men in de grote, nog bestaande hal, vanwaar de gasten door een deur ter rechterzijde de grote zaal binnentraden. Deze was of in 1849 of later verlengd met het laatste kamertje van de oude westvleugel; de muur werd vervangen door twee pilaren en het geheel in een "Moorse zaal" herschapen. Deze Moorse zaal diende van 1940 tot 1963 tot Gerechtshof.
Van de "Moorse zaal" liep men meteen door naar een ruime hoeksalon, die de middag- en avondzon kreeg, of naar de aangrenzende bibliotheek om een boek te halen. Men kon doorlopen naar de kleinere oost-salon en de nu verdwenen serre, en daarna naar de grote eetzaal.
Op de eerste verdieping bevonden zich twaalf slaapkamers, een kabinet en één badkamer. Kleine trapjes leidden naar de iets hoger gelegen kamers in het middengedeelte. Gedurende de Tweede Wereldoorlog bewoonde de laatste baron Maurits Jan van Pallandt met zijn moeder de noordelijke vertrekken, de rest van het huis was door de Duitsers in beslag genomen.
In 1950 werd Rennen Enk verkocht aan de R.K. Stichting Insula Dei. Hoewel sinds de verkoop in 1950 van het landgoed een klooster, school en een verpleeghuis waren gebouwd op het terrein, maakte de aanwezigheid van het Gerechtshof op Rennen-Enk een ander gebruik van het huis zelf onmogelijk. Daarnaast verlkiet de laatste baron pas in 1955 verliet de laatste baron M. J. van Pallandt zijn ouderlijk huis om zijn laatste jaren op de Boulevard Heuvelink te Arnhem te slijten.

Op 30 mei 1963 werd Rennen-Enk op de lijst van Monumentenzorg geplaatst en op 1 juni verhuisde het Gerechtshof. In 1966 werd begonnen met de interne verbouwingen en op 8 september 1966 werd Rennen-Enk geopend als bejaardentehuis voor beter gesitueerden.
Van buiten is weinig veranderd. De serre verdween, een nieuw raam verscheen in de oostmuur van de oost-zuidsalon en de kamer daarboven kreeg twee ramen erbij. De entree werd anders ingedeeld, maar dat was dan ook alles.
Intern vond er een ware metamorfose plaats door de bouw van een aantal appartementen. De "Moorse zaal"en de eetzaal werden in drie stukken verdeeld; badkamers en keukentjes overal ingelast, deuren verplaatst, een lift handig gevoegd naast de oude trap, waarvan de zuidelijke opgang verdween. De inwendige constructie werd grondig onderzocht en waar nodig vernieuwd.

In 1990 werd de functie als bejaardentehuis voor Rennen Enk beëindigd. In datzelfde begon de verbouwing tot een zelfstandig servicecomplex voor bejaarden. De villa werd omgebouwd tot tien riante appartementen.



Naar boven

Kadastrale gegevens 1832

De afbeelding hiernaast is een gedeelte van de kadastrale kaart uit 1832, Gemeente Arnhem, Sectie C, Klarenbeek, Eerste Blad. De kaart is opgemeten in 1821 en vermeldt de gegevens uit de kadastrale administratie van 1832. De kaart is naar het oosten (boven) gericht, rechts ligt het zuiden en links het noorden.
Om de afbeelding duidelijk en gedetailleerd te bekijken, klikt u eerst op de afbeelding, daarna in de menubalk boven aan het scherm op Bestand, vervolgens op Afdrukvoorbeeld. Nu kunt u met de menubalk bovenin het scherm de afbeelding zo groot en klein bekijken als u wilt.

Rechtsonder is de splitsing tussen de Weg van Arnhem naar Zutphen (Velperweg) en de Raapopsche Weg. De Raapopsche Weg komt uit op de Rosendaalsche Weg. Op die laatste weg gaat de Munneke Steeg (Monnikensteeg) naar het noorden.
Volgen we de Velperweg, dan is er eerst een Snuifmolen (voor de fabricage van snuiftabak) en verder naar boven Renink (= Rennen Enk).
Het perceel heeft kadastraal nummer 209 en is het bezit van Jan baron van Pallandt, lid Gedeputeerde Staten. De grootte is 38 hectare en wordt niet voor de belastingen aangeslagen.

In het midden van de kaart ligt het Huis Klarenbeek, dat in Tweede Wereldoorlog op 10 april 1945 door een raketaanval van het Britse 263ste Typhoon Squadron geheel werd verwoest.
Links boven bij de Schaapsdrift, waaraan het vroegere gebruik van de gronden is af te lezen, ligt boerderij de Grond. Deze boerderij en het omliggende land was in de middeleeuwen de kern van de bezittingen van het klooster Prüm in dit gedeelte van Arnhem.
Tussen de Grond en Klarenbeek ligt Angerestein (sic: zonder n). Een jaar na deze kadastrale inventarisatie wordt huis en landgoed Angerenstein verkocht aan Jan baron van Pallandt van Walfort (lid Gedeputeerde Staten), die al Rennen Enk en het landgoed Klarenbeek in zijn bezit had.


 

Rennen Enk, kadaster 1821/1832



Naar boven

Literatuur

Aalbers, P.G. (1998). Justitiae Sacrum. Zeven eeuwen rechtspraak in Arnhem.
Utrecht: Uitgeverij Matrijs. pp. 189, 191, 208.

Caderius van Veen, D. & Ploeg, H. van der (1996). Verliefd op Arnhem. Deel 2.
Arnhem: Arnhemse Courant/Gelders Dagblad. p. 5.

De Gelderlander.

Iddekinge, P.R.A., e.a. (Eds.) (1982/1983). Ach Lieve Tijd. 750 jaar Arnhem, de Arnhemmers en hun rijke verleden.
Arnhem/Zwolle: De Gelderse Boekhandel - Uitgeverij Waanders. Deel 4.

Kastelen in Gelderland, Rennen Enk.

Nijhoff. Is. An. (1828). Wandelingen in een gedeelte van Gelderland, of geschiedkundige en plaatsbeschrijvende beschouwing van de omstreken der stad Arnhem.
Arnhem: Paulus Nijhoff; vierde druk, 1e druk 1820. pp. 98-99, 106.

Rhoen, R.P.M. (1986). Klarenbeek in de wandeling. Arnhems eerste stadspark 1886-1986.
Arnhem: Gemeentearchief Arnhem. pp. 14-15.

Schaars, A.H.G. & Veldhorst, A.D.M. (Eds) (1986). Kadastrale Atlas van Gelderland 1832 Arnhem.
Arnhem: Stichting Werkgroep Kadastrale Atlas Gelderland.
Schulte, A.G. & Schulte-van Wersch, C.J.M. (1999). Monumentaal groen. Kleine cultuurgeschiedenis van de Arnhemse parken.
Utrecht: Uitgeverij Matrijs. pp. 36.

Ven, A.J. van de (1933). De oude buitenverblijven rondom de stad.
In: Arnhem Zeven Eeuwen Stad. Officieel gedenkboek.
Arnhem: Hijman, Stenfert Kroese en Van der Zande N.V. Boekverkoopers, 1933; pp. 187-223. pp. 215-216.



Naar boven

Printerversie