Startpagina
Geschiedenis tot 1900
    Stuwwal
    Grafheuvels Warnsborn
    Castellum Meijnerswijk
    Arneym
    Stadsrechtenbrief
    Commanderij en gasthuizen
    Kloosters
    Rijn- en Hanzehandel
    Rijnverlegging
    Karel van Gelre
    Beeldenstorm
    Van Geelkercken
    Zypendaal
    Prodesse en Lorentz
    Regenten in het nauw
    Franse Tijd
    Stad der Provincie
    Sloop Vestingwerken
    Treinverbindingen
    Uitbreidingsplan
    Arnhemsche Courant
    Haagje van het Oosten
    Fabriekskinderen
    Emancipatiebewegingen
    Aankoop Sonsbeek
Geschiedenis 1900 - heden
Vesting Arnhem
Monumenten binnenstad
Monumenten buitenstad
Kerk, Klooster, Graf
Scholen
Straten en Pleinen
Sonsbeek en Zijpendaal
Architecten
Verdwenen monumenten
Ambacht en Industrie
Verkeer en Vervoer
Kaarten en Plattegronden
Gezichten op Arnhem
Arnhemmers
Bronnen
Thema's
Wandelen en Fietsen
Sitemap
Contact

Treinverbindingen vanaf 1845

Ontsluiting en omsluiting




Naar boven

Arnhem in 1854, zoals gezien vanaf het dak van Hotel Bellevue aan de Utrechtseweg. Tegenwoordig biedt het kantoorgebouw met diezelfde naam onderdak aan o.a. energiemaatschappij NUON.
De stoomtrein stelde vanaf 1845 mensen uit het westen in staat snel het groene en villarijke Arnhem te bereiken. Rechts naast de spoorlijn zijn grafzerken te zien van de voormalige Joodse begraafplaats ‘De Valk’. Schuin daarachter de hooiopslag voor de paarden van de soldaten van de Willemskazerne.
De rokende schoorsteen naast molen ‘De Harmonie’ (sloop 1855) is van de (nog) kleine metaalgieterij van W. Thomassen.
Anderhalve eeuw later wordt het uitzicht vanuit het westen gedomineerd door de kleur en de hoogte van de Park- en Rijntoren. De kleinschalige ambachtelijke burgerstad uit de negentiende eeuw heeft plaats gemaakt voor de grootschaligheid van de zakelijke dienstverlening.


 

Stationsgebied 2008 Foto: Cor Bekink



Naar boven

Zes jaar nadat de eerste spoorlijn in Nederland, van Amsterdam naar Haarlem in 1839, was geopend, bereikte de ijzeren spoorweg Arnhem. De Rhijnspoorweg verbond Arnhem via Utrecht met de hoofdstad van ons land. Daarmee was een snelle, directe verbinding tussen Arnhem en het westen van het land gerealiseerd. De opening van de spoorlijn op 14 mei 1845, waarvoor koning Willem II zich wegens ‘keelpijn’ had afgemeld, ging gepaard met de ingebruikname van een stationsgebouw. Het gebouw had terrassen op de eerste verdieping met uitzicht op Sonsbeek en de Betuwe. Het gebouw was al snel te klein en in 1869 werd een robuust bakstenen pand het nieuwe onderkomen.

Het spoornet rond Arnhem groeide snel. In 1856 werd de verlenging naar Emmerik, via Zevenaar, geopend en weer negen jaar later vond de opening plaats van de spoorweg naar Zutphen. Tegen de zin van de Arnhemmers waren de spoorlijnen aangelegd op hoge dijken die, als een nieuwe stadsmuur, de stad scheidden van de groene Veluwe. Met het toenemende autoverkeer in de twintigste eeuw bleek de dijk ook een pluspunt te hebben: de stad werd niet geplaagd door stilstaand autoverkeer voor gesloten overwegen.
De opening van de spoorlijn naar Nijmegen in 1879 betekende het einde van een tijdperk. Niet alleen betekende het de voltooiing van het spoornetwerk rond Arnhem. Ook lag Nijmegen nu voor het westen van het land onder handbereik. De specifieke voordelen van Arnhem als vestigingsplaats waren verdwenen.
Het stationsplein en de aanliggende gebouwen werden in de Tweede Wereldoorlog verwoest. De vele grote hotels werden vervangen door kantoren. Het nieuwe kleinere stationsgebouw stond weggedrukt in een hoek van het nieuwe plein.

In 1994 werden in Arnhem Centraal nieuwe ontwikkelingen en andere ideeën ten aanzien van openbaar vervoer samengebracht. De mogelijke komst van de Hoge Snelheids Lijn (HSL) bracht alles in een stroomversnelling. Het stationsgebouw moest vervangen worden door een ‘terminal’ met een rechtstreekse wandelpromenade naar de binnenstad. Bouwkundige en financiële tegenslagen zorgden ervoor dat het stationsgebied jarenlang een lelijke bouwplaats bleef. Het reizigersonvriendelijke tijdelijke stationsgebouw (vanaf 2006) mag daarbij als dieptepunt gelden.



Naar boven

Van voor de oorlog




Naar boven

Het Stationsplein rond 1930 liep vanaf het stationsgebouw uit 1869 naar beneden. Na de oorlog is bij de herinrichting het plein afgegraven. Rondom het plein stonden hotels als Sluis (oudst), Oranje-Nassau (chicst), Haarhuis (met lunchroom en terras) en Bristol. Het laatste hotel van eigenaar Jan Dommering, die wereldkampioen biljarten in 1925 was, had als eerste hotel in Arnhem centrale verwarming en elektrisch licht.
Links omzomen bomen de voormalige Bovenbergstraat. De bomen rechtsonder zijn een restant van de 19e-eeuwse Coehoornbegraafplaats (nu Volksuniversiteit aan de Coehoornstraat).
Rechts naast de oostelijke zijvleugel van het stationsgebouw staat het postdistributiekantoor dat in zijn geheel werd verplaatst. Als Station Klarendal is het neogotische gebouw uit 1887 vanaf 2008 het podium voor het 100%Modeproject.

Afbeeldingen: Bibliotheek Arnhem (o.a. Gelderland in Beeld), Gelders Archief (o.a. Topografische Historische Atlas, Historisch Musem Arnhem, Gemeente Arnhem/Dienst Stadsbeheer, Stijn en Jan de Vries.


 


Naar boven

Printerversie